Plumatella fruticosa (Allman 1844)

English
Voorstel voor Nederlandse naam: Slanke bryozo of mosdier
Systematiek
| Klasse |
Familie |
Genus |
Soort |
Beschreven door |
| Phylactolaemata |
Plumatellidae |
Plumatella |
P. fruticosa |
Allman 1844 |
Synoniemen
De volgende synoniemen zijn gebruikt voor Plumatella fruticosa:
- Plumatella fruticosa (Allman 1844)
- Plumatella lucifuga (Jullien 1885)
- Plumatella princeps var. fruticosa (Kraeplin 1887)
- Plumatella lucifuga var. typica (Kafka 1887)
- Plumatella princeps var. fruticosa (Davenport 1899)
- Plumatella repens (Annandale 1907)
- Plumatella emarginata (Loppens 1909)
- Alcyonella fruticosa (Goddard 1909)
- Plumatella emarginata var. fruticosa (Hartmeyer 1909)
- Plumatella coralloides (Annandale 1911)
- Plumatella princeps var. fruticosa (Pateff 1924)
- Plumatella repens var. fruticosa (Rogerick 1934)
- Plumatella repens var. fruticosa (Carl 1943)
Beschrijving
Zie ook de algemene klasse en orde beschijving in de systematiek pagina.
Bij de beschrijving wordt een combinatie van literatuur gebruikt.
| Algemeen |
- Koloniën vlak op ondergrond wijd uitgespreid, met daaraan vrij hangende takken
- Bij plaatsgebrek bossige groeivorm. Cystideketens en takken nooit verkleefd
- Moederzooiden bouwen vaak meerdere, over elkaar liggende dochter-zooiden
- Vaak septen tussen de zooiden en `kielbildungen´ langs de cyctiden zeer variabel
- [Mundy]Kolonie altijd rechtop en aan slechts één of twee punten aan het substraat gehecht
- [Mundy]Zooiden zijn driehoekig in doorsnede en het zooicum is tamelijk dun en bros
- Let op de wetmatige vertakking van de chitinebuisjes
|
| Kleur |
Verschillende kleuren bruin, vooral grauwbruin tot geelbruin |
| Tentakelkrans |
Tentakelkrans hoefijzervormig met 30 tot 60 tentakels.
Minder ontwikkeld / tot uitdrukking komend dan bij andere Plumatella-achtigen. |
| Afmetingen |
Eén zoöide is rond 2 mm lang Een kolonie maximaal ?? cm in diameter |
| Statoblasten |
Drijvende statoblasten (floatoblasten); ovaal of langgerekt (meer dan 2,5 keer langer dan breed)
Annulus veel breder aan de polen dan zijwaards; meestal met (minder algemeen zonder) zwemring
Niet-drijvende statoblasten (sessoblasten) ovaal
Er zijn meerdere statoblasten per zoöide |
| Leefomgeving |
Prefereert stille beschutte wateren, ook stromend water, veelal nabij het wateroppervlak
Zeldzaam in stromend water (kwetsbaar door beperkte aanhechting aan het substraat)
Op drijvende bladeren en waterplanten in stilstaand en stromend water |
| Verspreiding |
?? |
| Aanvullend |
Zeldzaam |
Relevante literatuur
Nog aan te vullen
- [Mundy] - A key to the British and European Freshwater Bryozoans
- [Wood II] - A new key to the freshwater bryozoans of Britain, Ireland and Continental Europe
Eigen waarnemingen
- Op het eerste gezicht gemakkelijk te verwarren met F. sultana
- Kolonies altijd onder een steen of boomstam
- Kolonies nooit dieper dan circa 3 meter
- Zooiden zijn nog wel eens dunner dan op deze foto's
- P. fruticosa is snel met het terugtrekken van de poliepen bij verstoring
- P. fruticosa houdt van warmte en ontwikkeld zich pas als de water temperatuur boven 15 - 16 graden Celcius
stijgt
- P. fruticosa sterft in de herfst als de water temperatuur beneden ongeveer 12 graden Celcius daalt